ONTWIKKELINGSPERSPECTIEFPLANNEN

Leerlingen die niet voldoende hebben aan basisondersteuning ontvangen extra ondersteuning. Voor deze leerlingen stellen we een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP) op en deze worden besproken in het ondersteuningsteam. Het gaat hierbij om leerlingen die een bredere ondersteuningsvraag hebben dan alleen op didactisch gebied. Binnen het praktijkonderwijs hebben alle leerlingen een OPP.  De leerling wordt actief betrokken bij het opstellen, evalueren en bijstellen van het OOP In gesprekken met de mentor en betrokken begeleiders bespreekt de leerling zijn of haar onderwijsbehoeften, persoonlijke doelen en eventuele ondersteuningsvragen. Deze input vormt de basis voor het OPP. De doelen worden vervolgens geëvalueerd samen met de leerling, waarna het plan wordt bijgewerkt op basis van de voortgang en wat de leerling nodig heeft. Ouders en/of verzorgers zijn nauw betrokken bij het opstellen, evalueren en bijstellen van het OPP. De mentor en betrokken begeleiders stellen het OPP op met toestemming van ouders en bespreken de onderwijsdoelen en ondersteuningsbehoeften samen met hen. Ouders leveren hierbij inhoudelijke input vanuit hun kennis van de thuissituatie en de ontwikkeling van hun kind. Tijdens de evaluaties worden de doelen en voortgang met ouders en leerling besproken. Op basis hiervan wordt het OPP bijgewerkt en worden afspraken aangepast wanneer dat nodig is voor de ontwikkeling of het welbevinden van de leerling. Ouders zijn daarmee een vaste en gelijkwaardige partner in het proces. Tijdens de evaluatiemomenten bespreekt de mentor en betrokken begeleiders samen met de leerling en de ouders/ verzorgers de voortgang en wordt beoordeeld in welke mate de gestelde doelen zijn bereikt.

GRENZEN AAN ONZE ONDERSTEUNING

Er zijn grenzen aan de ondersteuning die onze school kan bieden. Onze plicht houdt op wanneer: 

→ de veiligheid van de leerling in het geding komt, zowel voor zichzelf als voor anderen binnen de school 
→ fysieke aanpassingen aan het gebouw niet mogelijk zijn of onevenredige kosten met zich meebrengen 
→ een leerling voor het merendeel één-op-één begeleiding nodig heeft 
→ de ontwikkeling van de leerling dusdanig stagneert en het leerdoel niet behaald kan worden en/of er geen perspectief is op het behalen van een diploma in onze setting 
→ het leerproces van de klas stagneert door de hulpvraag van deze specifieke leerling 

Samenvattend kunnen we zeggen dat we een leerling doorverwijzen als het ontwikkelingsperspectief, met inzet van alle betrokkenen, niet haalbaar blijkt te zijn. 

17